fbpx

Em. prof. Mark Elchardus (VUB): “Politiek gaat niet om pessimisme of optimisme”

U bent hier Home » INTERVIEWS & ARTIKELS » Em. prof. Mark Elchardus (VUB): “Politiek gaat niet om pessimisme of optimisme”
Geschatte leestijd: 6 minuten

Elke maatschappelijke vooruitgang brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Er is geen opsomming van al het onheil in de wereld nodig om u hiervan te overtuigen. Een paar enkelingen onder ons hebben de gave om hun kop hiervoor in het zand te steken. Of ze schrijven deze bedreigingen vlotjes af als tijdelijke groeipijnen van de gewenste verandering. Hoewel ook het bovenhalen van uw innerlijke struisvogel onverantwoord is, kan een overhelling naar de andere kant op de hoe-gaat-het-nu-met-de-wereld schaal even schadelijk zijn. Die andere kant houdt er eerder een apocalyptische visie over de toekomst op na en wordt door velen van ons wel eens opgezocht.

Er bestaat zelfs een term voor dit neergangsdenken waar we sneller dan gedacht in verstrengeld kunnen raken: het declinisme. Dit is een breed gedeelde gitzwarte toekomstvisie en blijft het voor veel mensen een gevoel waar ze, zonder het zelf te beseffen, mee rondlopen.

De inzichten van socioloog Mark Elchardus (emeritus professor aan de VUB en auteur van het boek Voorbij het narratief van neergang, 2015) kunnen helpen om dit perspectief op de maatschappij te plaatsen en -al is het maar één tintje- minder zwart te maken. En dan hoofdzakelijk minder onherroepelijk.

em. prof. dr.Mark Elchardus,© Ella Oelbrandt

“Iemand die de bedreigingen duidelijk onderkent, is daarom nog geen doemdenker of een declinist.”

De Europese burger als ideaal slachtoffer

Om meteen een eerste misverstand rond het begrip ‘declinisme’ de wereld uit te helpen: het geloof is niet gebaseerd op een irrationele angst die het van mensen overneemt. Het declinisme is ook niet hetzelfde als het zich bewust zijn van de reële bedreigingen die er wel degelijk zijn.

“Men wordt declinist”, zo zegt Elchardus, “als men denkt dat we machteloos staan ten opzichte van die bedreigingen. Als men gelooft dat we onafwendbaar naar neergang gaan, naar een verlies van alles wat ons dierbaar is. Een declinist die geen oplossing ziet is een doemdenker. Maar iemand die de bedreigingen duidelijk onderkent, is daarom nog geen doemdenker of een declinist.”

Wat vaak opvalt bij diegenen die zo’n declinistisch wereldbeeld aanhangen, is dat ze hun eigen toekomst veel minder somber inschatten dan die van de samenleving. Deze kloof is volgens Elchardus een mogelijke katalysator voor zo’n wereldbeeld.

“De bedreigingen worden scherper ervaren door mensen die vinden dat wij hier maatschappelijk iets zeer waardevols hebben opgebouwd. Mensen die de welvaart en het welzijn van Europa niet willen zien verloren gaan. Ze willen leven zoals in Europa en niet zoals in Afrika of het Midden-Oosten.” Als je wel wat te verliezen hebt, schiet het neergangsdenken dus sneller in gang als een soort geanticipeerde pijn.

De dunne lijn tussen kritiek en fatalisme

De oorzaak van de houding is het gevoel dat we samen, collectief niets meer kunnen doen. Het draait volgens Elchardus ook “om de overtuiging dat we via democratie en politiek geen grote uitdagingen meer aankunnen.” Kritiek hebben op een regering is gezond, maar wordt toxisch als het het discours van de eeuwige mislukkende overheid gaat volgen. Een populistische stem is dan nooit ver weg.   

We baseren onze kijk op de maatschappelijke toekomst niet op hoe het met onszelf gesteld is. Maar waar komt dit doembeeld dan vandaan? Het is makkelijk om met de vinger naar de media te wijzen die het brengen van slecht nieuws dikwijls als selling point lijken te hanteren.

Elchardus nuanceert dit. “Hoewel de media soms selectief zijn in welke bedreigingen zij belichten, vind ik niet dat zij die systematisch verhullen en op die manier onderdeel van het probleem zijn. Zij worden pas deel van het probleem als ze vertrouwen in de politiek ondergraven.”

“Wat onze grote uitdagingen betreft blijken kiezers altijd een beetje vooruit te lopen op de elites en hun zogeheten experts.”

Een politiek landschap dat pedagogisch durft te zijn

Een automatische reflex om een negatieve blik te doen opklaren, is heil gaan zoeken in het (vooruitgangs)optimisme waar o.a. filosoof Maarten Boudry en politici als Gwendolyn Rutten vaak mee komen aanzetten.

“Maar politiek gaat niet om optimisme of pessimisme”, meent Elchardus. “Het gaat erom dat politieke partijen de bedreigingen onderkennen en duidelijk voorstellen wat daar op verschillende bestuursniveaus aan kan worden gedaan. Wat onze grote uitdagingen betreft blijken kiezers altijd een beetje vooruit te lopen op de elites en hun zogeheten experts.”

Steven Pinker, © Rose Lincoln /Harvard Staff Photographer

Ook de tegenbeweging van Steven Pinker, dé pleitbezorger van de verlichtingswaarden, bekijkt Elchardus met enig scepticisme.

“Ik vind dat Pinker wel een heel eenzijdige kijk heeft op de verlichting. De denkers van de verlichting geloofden zeker niet allemaal in de maakbaarheid van de samenleving.

De Franse Revolutie was nog maar net achter de rug of liberalen en conservatieven in Europa verzetten zich met man en macht tegen de idee dat de samenleving maakbaar is.

De verlichting heeft vooral geleid tot laissez faire, laissez passer. Dat lijkt me nu net een heel slechte manier om de grote hedendaagse uitdagingen aan te gaan.”

Tegengewicht

Declinisme een tegenwicht bieden gaat dus niet om bedreigingen te minimaliseren of te geloven in een onvermijdelijke vooruitgang. Ook de vraag of neergang van de wereld nu effectief is ingezet, is eigenlijk irrelevant. Is het antwoord op die vraag affirmatief?

Dan is het nog steeds aan ons om de klik te maken en de wil te tonen om die neergang níét als onafwendbaar te beschouwen. Elchardus legt de verantwoordelijkheid om ons geloof in collectieve actie terug aan te sporen voor een groot stuk bij de politiek.

“Grote uitdagingen aanpakken veronderstelt politiek en wat mij betreft dan liefst democratische politiek. Het komt er niet op aan de noodzakelijke en juiste dingen te doen. Het komt erop aan de noodzakelijke, juiste dingen te doen én de mensen mee te hebben. Anders kan je het vergeten.”

Het probleem bij het verhaal van de neergang zit niet in het scheppen van een oneerlijk beeld van de status quo in de wereld. Het speelt zich eerder af tijdens de epiloog waar we de moed compleet schijnen te verliezen. Het is nu aan de politici om in hun figuurlijke pen te kruipen en er een nieuw, constructiever hoofdstuk aan te breien.

Anders krijgen we een politiek gericht op het exploiteren van het gevoel van bedreiging zonder een oplossing of perspectief te bieden. Dat dat vaak iets minder constructief is met alle gevolgen van dien, daar heeft u eveneens geen opsomming voor nodig.

Over de auteur: Jelena Van Wichelen
is redacteur bij Free.Brussels.

Laat een bericht na