Moeten we bang zijn van robots en Artificiële Intelligentie?

Deze vrijwillige bijdrage werd geschreven door Patrick Versee als prikkelende inleiding voor Under Pressure: Artificial Intelligence op 30 november 2020. Kijk je mee? Lees dan zeker verder. Dit artikel geeft je een leuk voorsmaakje van het event.

Wat is artificiële intelligentie? Wat onder AI wordt verstaan is in de loop van de tijd veranderd, maar in de kern is er altijd het idee geweest om machines te bouwen die in staat zijn te denken als mensen.De mens is immers uniek in staat gebleken om de wereld om ons heen te interpreteren en te veranderen. Nemen we daarom de mens als blauwdruk om robots te ontwikkelen of is het goed dat AI nieuwe manieren vindt om te leren? Hoe hard mag die intelligentie van de onze afwijken?

Het onderzoeks- en ontwikkelingswerk in AI is verdeeld over twee takken. De ‘toegepaste AI’ neemt het menselijk denken als model om AI één specifieke taak uit te laten voeren. ‘Gegeneraliseerde AI’ probeert daarentegen machine-intelligenties te ontwikkelen die hun handen kunnen richten op elke taak, net als een persoon. Het onderzoek naar AI is relatief nieuw, maar het nadenken over robots daarentegen is al een pakje ouder.

DE ROBOT VIERT ZIJN HONDERDSTE VERJAARDAG

Het woord ‘robot’ viert in 2020 zijn honderdste verjaardag. Het werd bedacht door de Tsjechische schrijver Karel Čapek in het toneelstuk R.U.R., dat een eeuw lang het toneel was van dromen en nachtmerries over machines. De robots in zijn spel lijken op en gedragen zich als mensen. Ze doen al het werk – en vernietigen de mensheid voordat het gordijn valt.

De intelligentie van AI-systemen overtreft de algemene intelligentie van mensen nog niet, maar dat zal volgens de meeste experts op niet al te lange termijn gaan gebeuren. Hoe zorgen we er voor dat AI ten dienste blijft staan van mens en samenleving?

Bij AI stel me machines voor die eruit zien en zich gedragen als mensen, zoals C-3PO in Star Wars. Echte robots die in fabrieken worden geïnstalleerd zijn natuurlijk helemaal anders. Vandaag de dag zijn er miljoenen van deze industriële machines die schroeven, lassen, verven en andere repetitieve taken uitvoeren op assemblagelijnen. Ze zijn vaak goed omkaderd om de veiligheid te garanderen van de menselijke werknemers die er nog zijn.

Robots zijn intussen tot meer in staat dan enkel repetitieve jobs. Sinds 2020 worden de vloeren in de Walmart winkels door robots schoongemaakt en worden de rekken ook automatische geïnventariseerd. Robots worden ook ingezet om autistische kinderen te socialiseren en ze leren ook patiënten na een beroerte terug lopen. Sommigen hopen zelfs ooit een robot lief te strikken.

En dit was voor Covid-19. Plotseling lijkt het vervangen van mensen door robots medisch verantwoord, zo niet essentieel. Robots leveren voedsel, dragen apparatuur naar een ziekenhuis, desinfecteren patiëntenkamers en doorkruisen de parken van Singapore om voetgangers te herinneren aan hun sociale afstand.

VOOR WIE WERKT AI?

In welke mate zullen robots en AI invloed hebben op toekomstige banen? De schattingen van economen over dit onderwerp variëren enorm, maar het is duidelijk dat er jobs zullen worden overgenomen. Veel landen halen aanzienlijke belastinginkomsten uit arbeid, maar moedigen automatisering aan doormiddel van fiscale voordelen.

Ze besparen op werknemers en verkiezen robots omdat die geen betaalde vakantie of ziektekostenverzekering nodig hebben. Ondanks het optimisme van investeerders, onderzoekers en startende ondernemers maken veel mensen zich zorgen over een toekomst vol robots en AI Wat als machines niet alleen de vervelende taken op zich nemen, maar ook de interessante, complexe, eervolle of goed betaalde onderdelen. Wat als robots het werk stressvoller of gevaarlijker maken?

Bij veel technologen en managers leeft er een idee dat de mens overbodig wordt. Ze maken fouten en stellen eisen. Automatisering is dan een oplossing voor al te menselijke problemen, maar het kan ook ontmenselijkend werken. Steve Jobs zei ooit: “Het belangrijkste in het werk is niet wat je verdient door het te doen, maar wat je wordt door het te doen.” Dat lijkt me diepgaand waar.

HOE GAAT AI ONS VERANDEREN?

Een generatie geleden klonk de term artificiële intelligentie nog als science fiction. Vandaag is het een modewoord in het bedrijfsleven en de industrie. AI-technologie is een cruciale spil in een groot deel van de digitale transformatie die vandaag de dag plaatsvindt.

Veel organisaties willen mee profiteren van de steeds groeiende hoeveelheid aan data die wordt gegenereerd, verzameld en geanalyseerd. Om deze grote hoeveelheid aan data te verwerken, hebben we machines nodig om dit op een zo slim mogelijke manier te doen die dan weer nieuwe manieren bieden om data te verzamelen. Dit heeft geleidt tot de big data revolutie die nu bezig is.

Ook verstrekkende automatiseringsprocessen – van zelf rijdende auto’s tot het voorspellen van de uitkomst van rechtszaken – zijn hier een gevolg van, maar wie is er verantwoordelijk als een zelfrijdende auto een ongeluk veroorzaakt: de (niet-) bestuurder, de fabrikant, de ontwikkelaar of de zelfrijdende aut? En hoe kunnen we de erosie van onze privacy nog tegengaan of moeten we onze privacy opgeven voor het grotere goed, zoals het sociale kredietsysteem van China ‘de samenleving’ ten goede komt?

Gelukkig is artificiële intelligentie ook een kracht ten goede. Het verhoogt de efficiëntie waarmee we werken en het neemt repetitieve of gevaarlijke taken over, waardoor we meer ruimte krijgen voor de creatieve en empathische aspecten van ons werk. Het kan de diagnose en monitoring in de gezondheidszorg verbeteren. Het kan de verkeersproblemen oplossen door autonoom vervoer en zoveel meer. Het belooft ons met andere woorden een toekomst waarin we meer vrijheid zullen genieten als vandaag.

Scenario’s zoals in Terminator of The Matrix waarin robots de mensheid uitroeien of tot slaaf maken behoren tot het rijk der fictie, maar ook gerespecteerde wetenschappers zoals Stephen Hawking stellen dat we de impact en het gevaar van een AI die slimmer wordt als de mensheid ernstig moeten nemen. Deze bezorgdheid heeft geleid tot de oprichting van het Partnership in AI door een aantal tech giganten, waaronder Google, IBM, Microsoft, Facebook en Amazon. Deze groep voert onderzoek naar en pleit voor ethische implementaties van AI.

UNDER PRESSURE

Op maandag 30 november spreekt Berg Severens met Vincent Buekenhout over de ethische vragen bij AI op Under Pressure. Ik sprak met Berg over de manier waarop kunstmatige intelligentie onze wereld en levensstijl transformeert. De vraag welke richting het op moet en hoe we de risico’s en de negatieve gevolgen kunnen beperken leidt vaak tot grote discussie. Jullie kunnen zelf mee discussiëren met Berg en Vincent door je hier kosteloos in te schrijven voor het debat. Ik geef hier alvast enkele uitdagingen om over na te denken.

  • Dreigen we onze menselijkheid te verliezen en denken we dat zelfregulering voldoende zal zijn?
  • Kunnen we het aan bedrijven overlaten om richting te geven aan AI en andere technologische ontwikkelingen of wie moet hier mee over beslissen? 
  • Wat kan AI nu reeds, wat kan het nog niet en wat zal het nooit kunnen? 
  • Moeten filosofie en ethiek verplichte vakken worden in onze wetenschappelijke en technische opleidingen?
  • Hoe kunnen we AI ontwikkelaars er toe brengen ethisch te programmeren op alle domeinen? 
  • Kunnen we een parallel trekken met de medische of nucleaire ethiek? 
  • Wat is het verschil tussen zwakke en sterke AI? 
  • Hebben mensen het recht op ‘explainable AI’, waar de maker moet kunnen begrijpen en uitleggen wat het systeem doet? 
  • Waar zijn op korte termijn prangende wettelijke ingrepen noodzakelijk en op welk niveau?
  • Moeten er robotrechters of rechtbanken komen die specifiek de materie van AI en robotica kunnen behandelen ingeval van klachten of ernstige aberraties?
  • Wat moeten we denken van vooroordelen bij AI, zoals risicoberekening of CV screening op grond van etniciteit of gender.

Laat een bericht na