fbpx
Safer Cities

‘Safer Cities’ zet seksuele intimidatie op de kaart

U bent hier Home » INTERVIEWS & ARTIKELS » ‘Safer Cities’ zet seksuele intimidatie op de kaart
Geschatte leestijd: 7 minuten

Bekijk de stad door de bril van een meisje of (jonge) vrouw en je zou wel eens kunnen schrikken. Voortdurend alert en anticiperend op mogelijk gevaar beweegt zij zich voort in haar stad. Van jongs af aan worden meisjes gewezen op hun kwetsbare positie binnen de publieke ruimte en aangemaand om daarnaar te handelen. Ook in een land als België dat emancipatie doorgaans hoog in het vaandel lijkt te dragen, geldt het fundamentele recht op bewegingsvrijheid maar voor de helft van zijn bevolking. 

Het digitaal platform Safer Cities van Plan International wil de afweging die veel meisjes vandaag maken tussen zich vrij kunnen verplaatsen en de kans om lastig gevallen te worden overbodig maken. Door voorvallen van seksuele intimidatie op straat in kaart te brengen en die om te zetten naar concrete beleidsaanbevelingen kan de publieke ruimte haar naam misschien terug recht aandoen. Onlangs verscheen er een rapport met een eerste analyse van de meldingen die het platform registreerde. De resultaten zijn op z’n zachtst gezegd alarmerend te noemen. 

In Brussel vindt seksuele intimidatie voor 29% plaats op straat, voor 20% op het openbaar vervoer en voor 20% op vrijetijdsplaatsen

Hotspots van seksuele intimidatie

Wat is het Safer Cities platform?

Het plaform kadert binnen het Safer Cities programma dat ondertussen al zo’n tien jaar bestaat en door Plan International samen met de Verenigde Naties op internationaal vlak werd opgericht. Safer Cities streeft ernaar om “veilige, verantwoordelijke en inclusieve steden te bouwen met en voor jongeren in al hun diversiteit.” Het programma werd uitgerold in steden als Caïro, Lima en Delhi en met de hulp van Europese middelen is ook in België het programma van start kunnen gaan in Brussel, Antwerpen en Charleroi. In 2021 heeft ook de stad Gent zich aangesloten. 

Het online platform is later aan het Safer Cities project toegevoegd om een groot aantal concrete verhalen van jongeren naar het oppervlak te brengen die tot nu toe onder de radar bleven. De nood aan een laagdrempelige manier om informatie te verzamelen was hoog, want het rapporteren van seksuele intimidatie gebeurt veel te weinig. Volgens Wouter Stes, coördinator van het Safer Cities project, zou slecht 6% van de slachtoffers aangifte doen bij de politie. Het gebrek aan data geeft een gebrekkig beleid. Het taboe dat nog steeds rond het onderwerp heerst en het leven in een samenleving die dit gedrag lijkt te normaliseren, maakt de drempel om het gedrag te rapporteren vaak extra hoog.

“De maatschappij waarin wij leven aanvaardt discriminatie, alsof het deel uitmaakt van het dagelijks leven of zelfs een norm is.”

Gebruiker van het platform, 23 jaar, Charleroi

Een beleidstool om selffulfilling prophecies te voorkomen

Jongeren kunnen door het plaatsen van een pin tot op straatniveau plekken aanduiden waar ze zich onveilig (of net wel veilig) voelden. Hierdoor kan het huidige tekort aan data mee verholpen worden en nemen de slachtoffers een belangrijke signaalfunctie op zich. Naast het kwantitatieve aspect stelt het platform ook bijvragen zoals wat volgens het slachtoffer het motief was van de dader. De intimidatie kan vanuit seksistische hoek komen, maar ook racistisch gemotiveerd zijn, vanuit een sociale klasse verschil komen of gebaseerd zijn op holebihaat. Op die manier wordt er bij het plaatsen van getuigenissen ook naar intersectionaliteit gepeild. 

Plan heeft bewust voor een beleidstool gekozen waarbij de gegevens naar de stedelijke diensten worden doorgespeeld die dan heel gericht maatregelen kunnen nemen. Bij een live tool zouden boodschappen als “dit is een onveilige wijk” ervoor zorgen dat de beleving van die wijk al een invulling krijgt nog voor mensen er zelf eens zijn langs geweest. De organisatie houdt liever zelf de controle in handen om zo stigmatisering van bepaalde plekken tegen te gaan. Er zijn volgens Stes wel hotspots van seksuele intimidatie zoals treinstations en uitgaansbuurten. Specifiek in Brussel vindt seksuele intimidatie voor 29% plaats op straat, voor 20% op het openbaar vervoer en voor 20% op vrijetijdsplaatsen. Ook op weg naar school heeft 9% van de Brusselse jongeren last van seksuele intimidatie.

Verontrustende cijfers met een grote impact

Het advies aan vrouwen om hun agenda te schikken naargelang het uur van de dag en het feit of ze al dan niet in gezelschap zijn, is geen paternalistisch gebullshit of overbodige luxe. Zo geeft 91% van de meisjes en 28% van de jongens aan slachtoffer te zijn geweest van seksueel grensoverschrijdend gedrag.  Het is dus een veel voorkomend maatschappelijk probleem met verregaande gevolgen. Voornamelijk op psychisch en lichamelijk vlak, maar zeker ook op hoe een slachtoffer zich vanaf dan in de stad gaat voortbewegen. “Het is zowel door het feit zelf, maar ook door de beperking van die bewegingsvrijheid dat er verschillende rechten worden geschonden”, vertelt Stes. Uit het recent uitgebrachte rapport komt dan ook naar voren dat één op de twee meisjes in de Belgische steden zich beperkt voelen om zich vrij te bewegen. Dit gevoel leidt tot het maken van keuzes die invloed hebben op het dagelijks leven van meisjes.

“Het overkomt me zo vaak en als vrouw kan ik niet genieten van de natuur of een goed boek lezen in het park. (…). Ik wil me niet constant opgesloten voelen in mijn kamer! Ik heb ook het recht om op mijn gemak te zijn.”

Gebruiker van het platform, 23 jaar, Brussel

Wat er verder opvalt aan de cijfers is dat omstaanders bijna nooit in actie schieten wanneer ze getuige zijn van grensoverschrijdend gedrag. Het ingrijpen van getuigen kan nochtans een grote rol spelen bij het inperken van seksuele intimidatie. Brussel scoort hier met 70% opmerkelijk beter dan Antwerpen (97%) en Charleroi (91%). Volgens Plan is dit het resultaat van campagnes rond het omstanderseffect die de laatste jaren in Brussel reeds gevoerd werden. 

Preventie en een veelzijdig beleid als antwoord

Bovenstaand voorbeeld toont aan dat sensibiliseren wel degelijk zijn effect heeft en het rapport biedt dan ook een aanbevelingsplan. Preventie door middel van campagnes is één van de vier pijlers die uit het platform en uit rechtstreeks overleg met jongeren voortvloeiden om seksuele intimidatie het hoofd te kunnen bieden. De omstaanders in openbare ruimtes moeten beseffen dat ze wel degelijk een verschil kunnen maken. Ook het hebben van genoeg aanspreekpunten en vertrouwenspersonen is volgens de jongeren cruciaal. Personen op school, bij het openbaar vervoer en in verenigingen zouden best opgeleid worden om deze rol op zich te kunnen nemen.

Daarnaast wordt aanbevolen om safe spaces te voorzien in vrijetijdszones waar vertrouwenspersonen daadwerkelijk aanspreekbaar zijn. Ook beveelt men aan om politieagenten meer te sensibiliseren zodat slachtoffers van seksuele intimidatie sneller naar het politiekantoor durven stappen. Een laatste belangrijk advies is om jongeren duidelijk een stem te geven in het werken aan inclusieve steden. Een uitgebreidere uiteenzetting van de aanbevelingen vind je hier terug.

”De volgende fase is om die boodschap over te brengen naar politici en het grote publiek zodat de aanbevelingen echt kunnen worden geïntegreerd in de werking van de stad.”, aldus Stes. Om die integratie vlot te laten verlopen, loopt er in elke stad een beleidstraject dat een nauwe samenwerking met lokale overheden en middenveldorganisaties moet stimuleren. 

Meer vrouw op straat

Je kan nog tot eind augustus een melding maken op het platform. Er zijn al enorm veel nuttige cijfers en pakkende verhalen uit dit project gekomen, en in de periode 2022 – 2026 zullen ook een hoop andere steden aan het programma deelnemen. Ondertussen staat de meldingenteller in Brussel, Antwerpen, Gent en Charleroi op meer dan 4 100. De problematiek die voor veel vrouwen bij het dagelijks leven hoort, wordt zo eindelijk onderbouwd door data. We kunnen alleen maar hopen dat de druk op lokale en nationale overheden door dit project genoeg toeneemt en zich weet te vertalen in een geschikt beleid dat kan breken met deze norm.

Niemand kan nog zeggen “ik wist niet dat het zo erg was”. Het is nu aan de gehele samenleving incluis politiek om haar verantwoordelijkheid op te nemen en vrouwen te helpen een stuk van hun ontnomen vrijheid terug te geven. Nog urgenter dan het krijgen van straatnamen verdienen vrouwen bovenal een veilige plek op die straat. Nog urgenter dan het krijgen van straatnamen verdienen vrouwen bovenal een veilige plek op die straat.

Over de auteur: Jelena Van Wichelen
is redacteur bij Free.Brussels.

Laat een bericht na